maandag 10 mei 2010

Vakantiestress - of niet?

Vakantie vieren is niet meer helemaal vergelijkbaar met vroeger. De informatisering heeft de afgelopen jaren ook in die branche fors toegeslagen. Het begint al met het zoeken van achtergrondinformatie over de streek waar je naar toe wilt waarbij ook ervaringen van anderen op YouTube of Flickr worden meegenomen. Het boeken van een bestemming gebeurt via internet, het uitwisselen van wat wetenswaardigheden en afspraken over de boeking vervolgens per e-mail. Het weer, eventuele verkeersdrukte, tarieven, vertrektijden worden allemaal online bestudeerd. Een vliegtuigticket voor de nakomers: online boeken en afrekenen.
Onderweg en op de plaats van bestemming is het thuisfront niet meer dan een paar klikken of sms-jes ver weg. En ook als je zelf met een deel van het gezelschap door de bossen of moerassen aan het struinen bent, kun je de achterblijvers in het vakantiehuis laten weten wanneer de pizza in de over kan.
En natuurlijk, de tomtom. Even van te voren de route naar een parkeerplaats in de vorm van een 'nuttige plaats in de buurt van…' ingeven en vervolgens word je met veel geduld dwars door de meest gruwelijke doolhoven geleid. Dat wekt vertrouwen!
(Ook het tegengestelde is overigens waar: als de tomtom niet op de hoogte is van het feit dat bepaalde weggetjes privé zijn of afgesloten zijn, word je ineens heel wantrouwig als je een bepaalde kant op gestuurd wordt.)
Het betalingsverkeer is ook grotendeels gedigitaliseerd. Ik ben met wat kleingeld op vakantie gegaan en heb welgeteld één keer contant afgerekend, één keer wat muntjes fooi achtergelaten en één keer op het punt gestaan contant geld in een tolpoortjesautomaat te gooien maar vervolgens besloten dat het met plastic geld sneller en makkelijker gaat.
Ook vakantiefoto's maken gebeurt anders. Vroeger had je 'maar liefst' een rolletje of 3, 4 volgeschoten wat neer kwam op een kleine 150 foto's. Nu breng je vlot het 3- tot zelfs het 10-voudige mee terug. De mooiste exemplaren zet je in een digitaal album online om je ervaringen met de buitenwereld te delen. Zo wordt die ook weer geïnformeerd over de plek en je persoonlijke ervaringen, waarmee de cirkel weer rond is.

Wat levert het mij nu eigenlijk op, die vakantieinformatisering?
Naast allerlei zaken in elk geval minder stress. Beslissingen neem je op basis van beschikbare informatie (inclusief ervaring). Toen ik de eerste keer naar Frankrijk op vakantie ging, meed ik de tolwegen, vooral omdat ik niet wist hoe dat er precies aan toe ging én omdat ik niet wist wat het kostte en of ik dus genoeg contant geld bij me had (want cheques zouden ze wel niet accepteren). Nu zoek je die dingen gewoon op. Ook vond ik het vroeger helemaal niet zo leuk om naar een één of ander onbekend stadje te gaan. In de helft van de gevallen reed je je wel weer ergens klem. Nu vertrouw ik op die geautomatiseerde gezelschapsdame. Kortom, informatie geeft meer zekerheid en dus meer rust.

Maar alles heeft zijn prijs. Het voorbereiden, opzoeken en informatieverwerken kost tijd. Kiezen kost tijd, zeker als er door alle beschikbare informatie veel en veel meer te kiezen valt. Het uitzoeken en bewerken van 1200 vakantiefoto's kost tijd. En dat alles terwijl iedereen meer en meer het gevoel heeft dat tijd juist een beperkende factor is. Levert vakantie toch weer meer stress op. Is de cirkel alweer rond...

En die vakantiefoto's? Nog even geduld, nog geen tijd gehad...

zondag 25 april 2010

En web2.0 groeit maar door...

Ben ik er even uit, kom ik weer allerlei nieuwe dingen tegen waarvan ik eigenlijk niet goed weet wat ik er mee moet (in de betekenis van: zou kunnen).

BuzzNeem nou Buzz. In een keer zag ik het bij mijn Gmail-account aan de zijkant staan. Een keertje klikken maakte duidelijk dat ik blijkbaar al eens ooit iemand had aangeklikt om te kunnen volgen. (Ik zal het dus ook wel in een onbezonnen ogenblik) een keertje geïnstalleerd hebben. Maar wat er nu te volgen is? Het blijkt de Google-variant van Twitter te zijn.
Een filmpje maakt duidelijk hoe het werkt. Wederom een gave web2.0 toepassing waarin allerlei zaken aan elkaar verbonden zijn, die je kunt delen met een beperkte of de hele buitenwereld. Twitter in het kwadraat.

Maar zoals gezegd, wat ik er nou mee kan. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de manier waarop ik met de mogelijkheden van internet, web2.0 en dergelijk omga...

Womima_2Een ander fenomeen dat ik onlangs tegenkwam, is Womima: World Mind Map. Het is een website, waar je je kunt registreren en vervolgens je eigen associaties in op kunt slaan. Neem een woord ('geel'), bedenk een associatie ('ei') en nog een ('kip' of 'kakelvers') enzovoorts. De associaties kun je voor jezelf opslaan. Daarnaast worden al die associaties verzameld. Op die manier ontstaat een web van associaties vanuit 'de crowd'. De associaties zijn op zich ook weer te associeren met afbeeldingen en zo. Leuk, kom er maar eens op. Ongewijfeld interessant voor allerlei beroepsgroepen (sociologen, psychologen, marketing-mensen). Maar... wat kan ik er mee. Ik heb zelf een paar associaties gemaakt, vergeleken met de rest. Het zal een persoonlijke tekortkoming zijn, maar ik kom er niet echt verder mee. Een keertje Googlen op Womima maakt duidelijk dat het een goede manier is om te brainstormen, inspiratie op te doen om een synoniem te vinden, zoals wordt aangegeven in blogs zoals die van Dutch Cowboys of in de media.
Op LinkedIn (en Facebook en Twitter en ...) is ook een groep opgericht. Daar zitten in elk geval wat bekenden in, misschien kunnen die me een keertje verder helpen.

maandag 19 april 2010

Maatwerk in het onderwijs is lastig

In de Onderwijsagenda van de Volkskrant stond de afgelopen tijd het thema 'Maatwerk' centraal in verschillende artikelen en een afsluitend debat.
In elk geval is duidelijk, dat het allemaal om een moeilijk thema gaat, vooral omdat er zoveel categorieën zijn waarop leerlingen kunnen worden ingedeeld en waar een persoonlijk accent zinvol zou kunnen zijn. Of het nu gaat om leerstijl, culturele achtergrond, achterstanden, leerproblemen, voorkeuren, beroeps- en opleidingskeuze, persoonlijke accenten in de opleiding: voor elke categorie is wel behoefte aan maatwerk. Dat maakt dat het begrip 'maatwerk' (of 'flexibel onderwijs') niet eenvoudig is te duiden en dus bestaat er ook niet zoiets als dé oplossing.

In elk geval is duidelijk dat het voor veel mensen niet duidelijk is, dat er dingen door elkaar gegooid worden en mensen weer doorschieten in hun beelden van maatwerk of flexibiliteit zoals blijkt uit het debat. Een paar voorbeelden.

"...zet juist in op persoonlijke leerarrangementen. Maar, klonk het vanuit de zaal, als je zo focust op individuele verschillen, verlies je dan niet de sociale functie in de klas? ‘Want als je pubers vraagt waarom ze nog naar school willen, is dat om elkaar te ontmoeten.’"

Oftewel, als je focust op individuele verschillen ben je bezig met één-op-één onderwijs, telt de groep niet meer mee, is er geen sprake meer van interacties tussen leerlingen. Klopt natuurlijk helemaal niks van. Of...

Een orthopedagoge in Amsterdam-Geuzenveld vroeg zich hardop af hoeveel maatwerk voor die kinderen zelf goed is. ‘Ze hebben juist behoefte aan duidelijkheid, structuur en discipline.’

Oftewel, het beeld is weer dat maatwerk en structuur lijnrecht tegenover elkaar staan.

Het eerste deel van de oplossing zou dus eigenlijk moeten bestaan uit het ontrafelen van al die misverstanden. Daar valt wel een nieuw bericht over te schrijven, wat zeg ik, een boek.

zaterdag 17 april 2010

CVI Conferentie - Epiloog

Dé Conferentie over Onderwijs en ICT ligt alweer een paar dagen achter me. Het is me eerder niet gelukt om een terugblik te maken, in tegenstelling tot veel van mijn collegabloggers.

Het was voor mij alweer de zoveelste keer dat ik in de gelegenheid werd gesteld om als conferentieblogger een bijdrage te leveren. En ik moet zeggen, dat bevalt me heel goed. Het is best vermoeiend. Je voelt je min of meer verplicht om zoveel mogelijk presentaties te volgen, daarbij moet je voortdurend alert zijn om tijdens een presentatie alles te kunnen volgen en in de meeste gevallen moet je tussendoor nog snel het een en ander uitwerken. Naar mijn gevoel haal je wel meer uit de conferentie. Bovendien heb je je verslag al klaar!
Elk jaar worden meer mensen gevraagd een bijdrage aan de conferentieblog te leveren en ik moet zeggen, dat komt de kwaliteit van de blog én van de conferentie ten goede.
Zo heb ik niet over alles kunnen schrijven, daarvoor ontbrak het aan tijd. Ik had het artikel van Huub Nelis, waarin de generatie Einstein centraal stond, graag willen nuanceren met de keynote van Drs. Metje Jantje Groeneveld, die met cijfers uit een onderzoek duidelijk maakte dat ´de´ Einsteingeneratie niet bestaat. Op de weblog van Patrick Koning staat wel een impressie. Op die manier wordt het dan toch weer één geheel!

Er zal ongetwijfeld een optimum zijn aan het aantal bloggers. Een conferentie waar alle deelnemers een bijdrage leveren aan een gemeenschappelijke blog, lijkt me wat veel van het goede, dat leidt ongetwijfeld tot een blog-o-besitas. Maar dit keer heeft het prima gewerkt!

Tegelijkertijd vraag ik me af, of de blog nu ook bijdraagt aan de tevredenheid van van de doorsnee conferentiebezoeker. Veel mensen, die ik sprak, wisten van niets. En of er velen zijn, die achteraf nog eens uitgebreid gaan neuzen? Lijkt me aardig om dat ook eens te peilen tijdens of na afloop van zo'n conferentie.

Inmiddels is de blog verhuisd van www.cviweblog.nl/veldhoven2010 naar http://veldhoven2010.blogspot.com/. Als je naar de eerste url gaat, word je automatisch doorgelinkt naar de andere. Maar ik moet constateren dat daar niet alle bijdragen terug te vinden zijn! Hopelijk komt dat snel goed!

donderdag 15 april 2010

Wolfram Alpha (2)

Laatst schreef ik wat over Wolfram Alpha als kennis- of informatiebron. Via Free Technology for Teachers kwam ik bij Wolfram Alpha for Educators waar complete lesplannen te downloaden zijn in pdf. Je kunt er ook lesideeën posten.

Misschien is er een verbinding te leggen met WikiWijs?

maandag 12 april 2010

Flexibel onderwijs hoeft niet zo moeilijk te zijn (2)

Een tijdje terug trok ik de stoute schoenen aan en besteedde ik in een berichtje aandacht aan een workshop FlexCollege, die we met ondersteuning van Kennisnet zouden gaan organiseren. De schroom die ik vooraf voelde, bleek achteraf helemaal niet nodig. Sterker nog, het bericht leverde net zoveel respons op voor de workshop als de formele uitnodigingen die we hadden rondgestuurd!
Op woensdag 7 april gingen we met 10 mensen in Amersfoort aan de slag om het FlexCollege van een aantal adviezen te voorzien. Een ietwat ingedikt verslag heb ik hier neergezet. De gebruikte presentatie staat hier.

Een beetje spannend was het wel. In een 'normaal' workshoptraject houden we vooraf een uitgebreide intake zodat de inhoud kan worden afgestemd op de leervraag van de organisatie. In dit geval waren verschillende instellingen vertegenwoordigd, elk met hun eigen leervragen. Dat leverde echter een heel aardige mix van vraagstukken en inzichten op!

In de workshop wordt het FlexCollege gepresenteerd als een instelling, die vanuit een visie op flexibilisering op zoek is naar een goed organiseerbare vorm maar daarbij tot de conclusie komt dat het antwoord op een complex vraagstuk niet altijd een complexe oplossing hoeft te zijn. In eerste instantie heeft het FlexCollege toegewerkt naar een organisatie- en planningsmodel met alleen maar individuele leerroutes (het animatiefilmpje staat hier op marktplaatsmbo, let op flv-player nodig). Dit model is vervolgens gesimuleerd om beter inzicht te krijgen in de consequenties. De simulatie laat wel zien, dat het model wel werkt.
Het FlexCollege komt echter tot de conclusie, dat het model alleen kan worden ingevoerd als aan alle randvoorwaarden (organisatie, deskundig personeel, perfecte planning, goede ICT) volledig wordt voldaan. Op basis van de twijfels die dat oplevert, besluit het FlexCollege om de ambities nog eens tegen het licht te houden. Op basis van een nieuwe interpretatie van de 80-20 regel wordt het onderwijs in een veel eenvoudiger organisatiemodel gegoten, al zijn daarmee niet alle vragen onmiddellijk beantwoord.
In de workshop worden de deelnemers gevraagd advies uit te brengen over de fasering van het model, een uitwerking van een aantal ambities in het model, inrichting van de flexcatalogus (onderwijscatalogus) en het planningsproces.

Natuurlijk werden tijdens deze workshop van een dagdeel niet alle problemen van het FlexCollege volledig opgelost. De opbrengst van de bijeenkomst zat veel meer in het expliciet maken van vraagstukken en een start maken met een aantal denkprocessen. De mooiste bijdrage aan de evaluatieronde was wel, dat één van de deelnemers aangaf, dat hij zich realiseerde dat zijn instelling al veel meer flexibiliteit bood dan vooraf gedacht. Er is natuurlijker geen makkelijker manier om meer flexibiliteit te realiseren dan dat!

zondag 4 april 2010

Digitale BINAS

Wie kent 'm niet, het wonderbaarlijke boekje met tal van wetenswaardigheden, formules, vergelijkingen en andere zaken: BINAS (samentreksel van Biologie Natuurkunde en Scheikunde?). In deze digitale wereld kan het niet anders of BINAS zou natuurlijk ook digitaal te bekijken moeten zijn. Maar ja, om er op school gebruik van te maken, moet er wel voor betaald worden. Nog bepaald geen Freemium, dus.

Via via kwam ik op een site, die nog veel meer informatie heeft, veel interactiever is en ook te downloaden is voor iPhone of iPad: WolframAlpha. WolframAlpha is eigenlijk wel, maar ook weer niet helemaal te vergelijken met Wikipedia.

"Wolfram|Alpha's long-term goal is to make all systematic knowledge immediately computable and accessible to everyone. We aim to collect and curate all objective data; implement every known model, method, and algorithm; and make it possible to compute whatever can be computed about anything. Our goal is to build on the achievements of science and other systematizations of knowledge to provide a single source that can be relied on by everyone for definitive answers to factual queries."

Het doel is te vergelijken met dat van WikiPedia: kennis beschikbaar stellen. Er is wel sprake van overlap maar waar WikiPedia de kennis meer op basis van trefwoorden ontsluit en in een verhalende trant beschikbaar stelt gaat WolframAlpha uit van 'vragen' en wordt de kennis niet zo zeer verhalend maar in tabellen, grafieken en berekeningen beschikbaar gesteld. WikiPedia is 'voor en door de crowd', WolframAlpha vraagt wel om input maar als buitenstaander kun je geen informatie bewerken.

Er ligt verschrikkelijk veel kennis in de onderliggende database, die weer kan leiden tot allerlei afgeleide kennis. Zo weet ik inmiddels dat ik op 23 oktober 2012 maar liefst 20.000 dagen oud ben en hoe een 3-dimensionale grafiek van de functie "z=cos(x^2) + sin^2(y)" er uitziet.

Het gebruik van WolframAlpha vraagt ook wel wat moeite. Je moet je vragen goed stellen, anders krijg je toch niet het antwoord dat je wil hebben. Het even even geduurd voor ik er achter kwam dat je met 'Amount of water' er wel achter komt hoeveel water er aanwezig is op aarde maar als je vraagt naar 'Amount of water on earth' niet. Zo ben ik er ook nog niet achter hoe ik de samenstelling van complexere akkoorden als 'A mineur 7 -5' in een antwoord terug moet krijgen (A C Eb G). De uitleg van Stephen Wolfram op een screencast blijkt dan een nuttige hulp.
Hier ligt juist de uitdaging voor het onderwijs. Want met alle beschikbare kennis op een presenteerblad is het vooral de kunst om studenten te leren de goede vragen te stellen!