zondag 25 september 2011

Actueel oud nieuws

Er is momenteel veel te doen over laptops in het onderwijs, mobile learning, BYOD, enzovoorts. Er lopen discussies op LinkedIn, er wordt van alles georganiseerd, er worden handreikingen gegeven en presentaties aan gewijd.
Vorige week werd tijdens de saMBO~ICT conferentie met enig leedvermaak tijdens een pauze iets verteld over een nieuwsbericht dat scholen in Amerika massaal bezig waren om die laptops weer uit het onderwijs te krijgen. Dat is natuurlijk 'hot news'. Ik ben dus op zoek gegaan naar dat nieuwsbericht. Ik vond het betreffende nieuwsbericht al betrekkelijk snel.

Maar wacht eens even. In het bericht worden voorbeelden van 2007 aangehaald. En toen werd er al over geblogd o.a. Annet Smith.

Ook wordt Mark Warschauer aangehaald. Warschauer is vooral een criticus van het One Laptop Per Child (OLPC) programma waarmee Nicholas Negroponte de armoede in de armste landen wilde aanpakken. Warschauer vindt dat investeringen in scholen, docenten en dergelijke meer zouden opleveren. Het ontbreken van laptops is nou eenmaal niet de zwakste schakel in die landen.
Het onderzoek dat in het artikel wordt aangehaald (Learning with Laptops: A Multi-Method Case Study) laat inderdaad zien dat in het eerste jaar na invoering laptop leerlingen minder scoorden. Maar het onderzoek toonde ook aan dat die leerlingen die achterstand daarna weer snel inhaalden! Worden hier selectief wat conclusies aangehaald?

Mooi voorbeeld van hoe je oud nieuws weer actueel kunt maken...

zaterdag 24 september 2011

Het Google-geheugen



Een tijdje terug schreef ik al over het boek van Nicholas Carr: wat het internet doet met je hersenen. Inmiddels heeft onderzoek 'aangetoond' dat ICT (en niet alleen internet) impliciet wordt gebruikt als geheugen. De Volkskrant schrijft in een bericht dat studenten bij het van buiten leren van feiten eerder onthouden waar informatie staat dan de informatie zelf.
Eigenlijk niets nieuws onder de zon. Al sinds mensenheugenis besteden we ons geheugen uit aan externe middelen, varierend van een knoop in een zakdoek, spiekbriefjes, boodschappenlijstjes of partners (wie onthoudt in jouw gezin de verjaardagen en de visitekalender of welk kledingstuk in wiens kast thuishoort?). daar wordt sinds het computertijdperk dus een dimensie aan toegevoegd, want heeft ICT natuurlijk meer mogelijkheden dan al die andere geheugensteuntjes, dankzij tools als Google.
Het is maar de vraag of we er echt efficiënter door worden. De afhankelijkheid leidt ook weer tot een afnemend vermogen om dingen te onthouden, verbanden te leggen.
In elk geval een schrijnende tegenstelling: computer Watson, die Jeopardy wint terwijl meer dan de helft van Roemeense studenten zakt voor een eindexamen…  

Het ondiepe, wat het internet doet met onze hersenen

(Oorspronkelijk item op web-log)
Het boek van Nicholas Carr heeft me aan het denken gezet. In het kort gezegd beschrijft Carr de consequenties van veelvuldig internetgebruik op de hersenen. En wat hij beschrijft, maakt me niet vrolijk.
Hersenen zijn plastisch, zenuwbanen passen zich aan aan de taken die ze te verwerken krijgen. De manier waarop het internet in elkaar zit maakt, dat bepaalde taken van informatieverwerving en -verwerking oppervlakkiger verlopen, dat kennis minder makkelijk wordt opgebouwd, dat leervaardigheden afnemen. We worden er dus dommer van! Niet alleen als individuen maar gezien de schaal waarop het gebeurt ook als mensheid. Aldus Carr.
Er is meer informatie voorhanden maar dat maakt ook dat die oppervlakkiger wordt opgenomen. Het internet is een gigantische informatiebron. Hyperlinks maken het mogelijk om niet alleen maar lineair door teksten of zelfs hele informatiebronnen te gaan maar er steeds stukjes uit te pikken en weer verder te springen naar het volgende stukje. Mensen vinden het steeds moeilijker om zich te concentreren op langere teksten.

Gereedschap is in feite een verlengstuk van het lichaam. Elk stuk gereedschap zorgt voor betere prestaties maar dat is niet gratis. Met elk stuk gereedschap verdwijnt of verkleint ook een bepaald vermogen. Of het nu gaat om een notitieblok als verlengstuk van je geheugen, een landkaart om je te oriënteren, een machine om meer kracht te kunnen zetten. De moderne technologie neemt een mens heel veel uit handen. In een aantal voorbeelden schetst Carr hoe dat ten koste gaat van creativiteit en kennis.
Zo beschrijft het in een aantal hoofdstukken allerlei thema's, die verband houden met zijn stelling. Carr gaat uitgebreid in op allerlei ontwikkelingen die verband houden met zijn waarneming. De ontwikkeling van het schrift en wat het lezen met de ontwikkeling van hersenen heeft gedaan. De invloed van de boekdrukkunst, het ontstaan van het internet. Hij beschrijft de plasticiteit van de hersenen en de manier waarop die beïnvloed wordt door het internet. Hoe bedrijven als Google inspelen op de nieuwe manier van informatieverwerving, het in feite in stand houden en versterken!

Het boek heb ik gelezen op mijn iPad. Eigenlijk had ik (in eerste instantie) niet zo'n last van dat verlies aan concentratie. Totdat ik me realiseerde dat het me elke keer weer moeite kostte om er toe te zetten weer een stukje te lezen. Het schrijven van dit stukje heeft me ook veel moeite gekost. Het bleek, dat ik me veel van de zaken die ik had gelezen, maar moeilijk kon herinneren. Elke keer dat ik nog eens door het boek bladerde om een bepaald stukje terug te vinden, merkte ik dat ik hele stukken weer las alsof het de eerste keer was…Dus geen internet meer in het onderwijs? Nog los van het feit dat veel van de ontwikkelingen zich niet zomaar laten sturen, valt er ook wel wat te relativeren. Carr gaat vooral uit van hyperteksten en webpagina's met allerlei kleurrijke, grafische symbolen en plaatjes, die de aandacht afleiden. Lang niet alle applicaties en educatieve programma's zitten op die manier in elkaar. Met wat Carr aandraagt kan ook rekening gehouden worden bij het ontwerp van (educatieve) programma's. Niettemin maakt Carr duidelijk dat er een keerzijde zit aan de informatietechnologie

maandag 19 september 2011

saMBO~ICT conferentie (4) Keynotes


Het is me inmiddels duidelijk: ik ben een trage blogger. Als ik zie wat Joël de Bruin inmiddels over de saMBO~ICT conferentie heeft geschreven, dan loop ik behoorlijk achter. Maar ik maak het me ook makkelijk: wat er al is hoeft niet over. Voor een overzicht van Joël kun je kijken op Blogisch!
Waar Joël niet over schreef is de keynote van Arjan Kastelein, lid RvB van ROC West-Brabant, die ik toch de moeite waard vond. Helaas geen presentatie bij saMBO~ICT.
Kastelein vraagt zich af, hoe belangrijk infrastructuur nog is en wat de veranderende rol van ICT in de onderwijscultuur is. Eerst de infrastructuur: 

  • Infrastructuur is belangrijk maar is ook een geldkwestie. Denk aan bezuiningen en afnemende leerlingaantallen. Maar ook kleinschaIigheid kost geld. De ontwikkelingen gaan snel, en tegelijkertijd nemen de wensen toe zoals BYOD en BYOA.
  • Leerlingen maken zich niet druk over infrastructuur, als het maar mobiel kan, liefst met eigen spullen. Dat maakt de aanschaf van (nieuwe) computers voor een onderwijsinstelling het overdenken waard.
  • Het gaat niet meer alleen om any time, any place maar ook om any device en any app en dus ook  any platform. De infrastructuur moet zodanig worden ingericht om dat te ondersteunen.
En de rol van ICT in de onderwijscultuur? Belangrijke notie is, dat het niet gaat om  IT maar om ET = education technology

  • Tien jaar geleden kwamen de eerste mobieltjes en daarmee de regel, de les begint, mobieltjes uit. Nu is het mobieltjes aan. Dat leidt tot een veranderopdracht  voor de docenten die daar niet voor zijn opgeleid. daarom moet je de koplopers inzetten en tegelijkertijd rekening houden met de veranderbaarheid van de massa..
  • ET is  niet zozeer  een  kostenthema maar een opbrengstenthema, het gaat om het rendement: Hoe wordt het onderwijs er beter van? Productiever? Andere vormen van leersupport kan men bieden, kan informeel leren worden ondersteund? Leren doe je immers 24 uur per dag. 
  • Onderwijs gaat steeds meer over vraaggericht werken. Hoe ga je om met verschillen in de klas? Hoe organiseer je flexibilisering?.
  • Veel ICT projecten mislukken, je moet dus ook kijken naar het vergroten van de slaagkans daarvan. Veel projecten zijn gericht op innovaties maar dat wil maar niet landen op de vloer.
    In het bedrijfsleven is het normaal dat gekeken wordt naar de terugverdientijd van een  investering, rekening houdend met een best case en een worst case scenario. In het onderwijs is dat lastig. Welke factoren beïnvloeden de slaagkans? Misschien is het feit of  mensen er na verloop van een paar maanden nog steeds in geloven wel een goede graadmeter.
Korte reflectie op deze en de andere keynotes: .Als er iets is wat in alle keynotes duidelijk naar voren komt, is dat wel het feit dat heel mensen meer vragen dan antwoorden hebben.  

zondag 18 september 2011

Weblogdrama

Het begon allemaal een paar maanden geleden met een aankondiging van mijn weblogbeheerder Sanoma (web-log of webstreepjelog) dat het contract met Typepad was opgezegd en dat een migratie zou plaatsvinden naar Wordpress. "Het zal wel, ik zie het wel", dacht ik nog.
Aan het einde van de zomervakantie werd duidelijk dat de migratie op 23 augustus zou gaan plaatsvinden. Mijn 'Onderwijsvanovermorgen' ging uit de lucht, naar verwachting voor een dag of twee. Dat werden er uiteindelijk 25! Met wat schaarse mededelingen werden de bloggers op de hoogte gehouden. Steeds werd verwezen naar het verlossende mailtje, waarmee zou worden aangekondigd dat de weblog weer live zou staan. Inmiddels (het is nu 18 september) werkt het allemaal weer, al heb ik nog geen mailtje gehad.

Inmiddels kan ik ook weer bij mijn oorspronkelijke weblog: onderwijsvanovermorgen.weblog.nl, al word ik daar niet bepaald vrolijk van. De opmaak van al mijn berichten is veranderd, er worden verschillende lettertypes in een bericht gebruikt (ik vind dat oerlelijk!), statistieken zijn nergens te vinden evenals al mijn berichten van voor juni 2008 (en dat zijn er toch bijna 200!). De opmaak is lastig in te stellen.

Alweer een week geleden heb ik een nieuwe blog aangemaakt bij Blogspot waar ik inmiddels een aantal berichten heb geplaatst.
Nu sta ik voor de grote vraag: ga ik verder met Blogspot of ga ik terug naar mijn oude vertrouwde weblog (voortaan zonder streepje ertussen). Ik zie wel op tegen een complete migratie van de overgebleven berichten, compleet met plaatjes, interne verwijzingen en reacties. Hopelijk binnenkort ook de statistieken!

Ik moet beide blogs nog maar eens goed gaan vergelijken. Eén van de voordelen van Blogger
(Blogspot) lijkt te zijn, dat ik nieuwe berichten via mijn iPad kan plaatsen. In feite is dit een proefberichtje dat ik met een app voor de iPhone heb gemaakt. Of dat met de nieuwe omgeving van Weblog kan, moet ik nog gaan uitproberen.

Hoe dan ook, hopelijk tot ziens op één van beide blogomgevingen...

zaterdag 17 september 2011

saMBO~ICT conferentie (3) Businesscases


Al eerder werd door Jan Kees Meindersma van Kennisnet een project aangekondigd waarbij onderzoek gedaan zou worden naar het gebruik van businesscases ter ondersteuning van ICT-investeringsbeslissingen. In het vervolgtraject zouden aan de hand van drie praktijkcases gewerkt worden aan een model dat goed toepasbaar zou moeten zijn in het MBO. (Klik hier voor de presentatie, helaas gaat die halverwege de mist in.)
Bij ROC Mondriaan draait nu één van die praktijkcases. Henri Roosdorp van ROC Mondriaan  gaf de context van het project weer.
De aansturing van ICT liep bij ROC Mondriaan op zijn zachtst gezegd niet al te best. De Stuurgroep ICT heeft twee jaar geleden een beleidsagenda 2010 opgezet met thema's als informatiemanagement, uitvoeringsorganisatie IM en IT, architectuur, applicatielandschap en de beleidscyclus ICT. Aan de hand van een raodmap werd een verbeterprogramma ingezet. Binnen die roadmap moesten nog wel allerlei keuzes worden gemaakt. 
Om goede keuzes te kunnen maken, is het nodig dat de doelen helder worden beschreven. Processen moeten worden beschreven voordat er naar een applicatie kan worden gekeken. Het gebruik van een applicatie is immers altijd gebaseerd op een gestandaardiseerd proces: standaardiseren is dus een noodzaak om een goed programma van eisen te kunnen opstellen. Ook is er een baten- en risicoanalyse nodig. Verder moet de scope worden bepaald. Bij dit alles kan een businesscase ondersteuning bieden.
Maarten Kuiper van Twynstra Gudde gaf een toelichting op de methodiek.
Onderwijsinstellingen hebben grote ambities (service bus implementatie, alle studenten een laptop, vervanging van een deelnemeradministratie). Een businesscase moet helpen om de goede afwegingen te maken.
Waarom dit project 
  • Rationale: waarom dit project?
  • Hoe dragen de projecten bij aan de visie op het onderwijs?
  • Er komt veel bij kijken: In businesscases wordt vaak naar de cijfers gekeken maar blijkt de praktijk helemaal niet over de cijfers te gaan
De verschillende doelgroepen worstelen met de beslissing. Een  bestuurder wil op de korte termijn geen gedoe en op de lange termijn een efficiënt gebruik van ICT, de onderwijsmanager vindt het te duur, de informatiemanager vraagt zich af hoe dit in het applicatielandschap past, de IT-afdeling mist de context, enzovoorts. 
De kernvraag moet altijd zijn: hoe kan de bijdrage van een ICT-investering aan het onderwijs worden vergroot? 
Dit traject gaat in feite over het vinden van een methodiek met de volgende kenmerken:
  • Meer evidence based 
  • Verhoogde kwaliteit van besluitvorming
  • Integrale beoordeling van investeringen
  • Investeringen in samenhang bekijken
De methodiek is nu in ontwerp maar kent de volgende onderdelen:
  • Mini business case, eigenlijk de inleiding van de eigenlijke business case
  • Een batenboom, moet de samenhang laten zien tussen het project ook in relatie met andere projecten
  • Een kwantitatieve businesscase
Tijdens de presentatie werd ingezoomd op een batenboom (overigens gaat de online presentatie van hieraf helaas mis!). Het opstellen van een batenboom is een kwalitatieve analyse, die de relatie legt tussen oplossingen - doelen - resultaten.
Noot: persoonlijk zou ik hier spreken van (project)resultaten - opbrengsten - effecten, zie onderaan een voorbeeld van een batenboom, die ik een tijdje geleden gemaakt heb).
In een vervolgstap worden de elementen in de batemboom waar mogelijk gekwantificeerd, bij elk doel (opbrengst) wordt gekeken naar de uitkomst, wanneer ben je tevreden?
De pilot van Mondriaan gaat over het uniformeren van processen rondom examinering.  Tijdens de presentatie ontstond hier een discussie met als conclusie: een businesscase moet je maken op het niveau van een programma. Projecten zijn dan in feite kosten die uiteindelijk moeten leiden tot de baten op programmaniveau. 
Een tweede pilot gaat starten bij Aventus rondom begeleiding.

Voorbeeld van een batenboom voor de invoering van een resultatenbeheersysteem.

donderdag 15 september 2011

saMBO~ICT conferentie (2) Social media in de klas

Hannelore Engels (@hanneloreengels) is een gepassioneerd docent die allerlei mogelijkheden van social media in het onderwijs onderzoekt en uitprobeert. Tijdens haar presentatie op de saMBO~ICT conferentie werd dat ook meteen in de praktijk toegepast, zoals het hoort: geen voorstelrondje, google maar even op je buurman of -vrouw. 
Daarna ging ze verder en vroeg ze aan het publiek om een definitie van social media op internet te zoeken. Dat leverde (uiteraard) verschillende definities op. Vervolgens ging de discussie even over de 'juiste' (lees: meest passende) definitie. Naar mijn idee was dat niet de essentie van de opdracht. Het liet meteen zien dat er van een begrip verschillende definities bestaan wat natuurlijk iets zegt over de betrouwbaarheid van internet als bron.
Eigenlijk is het in dit geval niet zo interessant dat het begrip van social media niet zo makkelijk in één betekenis te vangen is. Het is dan ook een hele verzameling van voorzieningen.
Over het gebruik van social media door studenten is wel het een en ander te zeggen. Zo kijken studenten toch wat makkelijker aan tegen de veronderstelde gevaren. Zij hebben de huiver niet die docenten vaak wat meer hebben. Veel docenten denken dat social media belangrijk zijn omdat studenten die 'altijd willen gebruiken'. In de praktijk blijkt, dat social media, die in  onderwijs worden gebruikt niet door studenten buiten de les worden gebruikt. 
De leerpiramide laat zien wat de effectiviteit is van bepaalde manieren van leren. Wat dat betreft zijn studenten van nu niet anders dan studenten van 20 jaar geleden, ze ervaren de wereld op hen heen alleen op een andere manier!
Social media moeten helpen om zoveel mogelijk de leereffecten aan de basis van de piramide te realiseren.

Hannelore gaf een lijstje van redenen om social media toe te passen: 
  • Sluit aan bij de belevingswereld,
  • Past bij de competenties van de 21ste eeuw
  • Laagdrempelig
  • Persoonlijk
  • Sociale verbondenheid
  • Informeel/zelf georganiseerd leren
Op dit punt kwam er wat commentaar uit het publiek, waaruit wat scepsis doorklonk. Naar mijn idee ook wel terecht. Ik vind dat de vraag 'waarom social media' eigenlijk geen goede vraag is, het benadert het vraagstuk van de verkeerde kant. Het moet gaan over een onderwijskundige inrichting, over het bereiken van gewenste leereffecten. En dan komt de vraag om de hoek kijken, hoe je dat kunt bereiken en wat vooral social media daar aan kunnen bijdragen. 

Er kwamen wat voorbeelden voorbij. Op zich goede voorbeelden van het gebruik van social media alleen gingen de meeste niet over het gebruik in het onderwijs.
Enkele aardige voorbeelden waren het gebruik van instructables.com voor een event van het Cingel College waarbij deelnemers aan dat event onder meer de mogelijkheid hadden om het event te becommentariëren. Het bleek een groot succes. Verder werd het voorbeeld gegeven van het gebruik van Yammer. Hierbij bleek met name dat het in de klas wel werd gebruikt maar studenten buiten de klas snel weer naar de eigen kanalen als sms en facebook grepen.
Vanuit het publiek werd nog een voorbeeld gegeven: bijles wiskunde via MSN op de dag voor het examen.

Hannelore sloot af met een prachtig filmpje...