vrijdag 22 juni 2007

Zelforganiserend vermogen

Al een tijd lang wordt er binnen het project Flexibel Leren en de Kenniskring Onderwijslogistiek nagedacht over het organiseren van competentiegericht onderwijs. Eén van de punten, die daarbij steeds naar boven komen, is het idee van het zelforganiserend vermogen.
Zelforganiserend vermogen houdt in feite in dat de betrokkenen zelf binnen bepaalde kaders oplossingen bedenken voor de situaties waarmee ze te maken hebben. Dat komt dan in de plaats van het van te voren plannen, regelen, organiseren en als het onverhoopt toch fout gaat, laten oplossen door de organisatie.
De meest gebruikte metafoor is die van het stoplicht (alles regelen, alle verkeersstromen voorspellen en bij elke combinatie een bepaalde stand van de stoplichten bedenken) en de rotonde (er zijn twee regels -we gaan allemaal rechtsom en het verkeer op de rotonde heeft voorrang- waarmee het systeem zichzelf organiseert).
De kunst is dan om de organisatie zo in te richten (kaders te bedenken) waarmee het systeem zichzelf kan organiseren, waarin het allemaal als vanzelf verloopt. (Binnen de logistiek zijn daar leuke voorbeelden van, eentje wordt er aangeduid met het 'kanban-systeem'.)

In de afgelopen week heb ik bij verschillende gelegenheden en met verschillende personen gediscussieerd over de vraag: hoe richt je nou een onderwijsorganisatie in zodat het zichzelf kan organiseren?
Natuurlijk zijn we er nog lang niet uit. De discussies hebben in elk geval een aantal kenmerken en aandachtspunten opgeleverd.

Centraal staat het idee van een resultaatverantwoordelijk team. Maar nu komen er een paar leuke aspecten boven water die meespelen bij de manier waarop je naar zo'n team zou moeten (zou kunnen) kijken. Denk daarbij aan uitspraken als 'het leerproces van de student staat centraal', 'de student heeft een eigen verantwoordelijkheid voor zijn leerresultaten'.  Dat levert het volgende beeld op:

  1. Een team is dan meer dan alleen maar de medewerkers. Een groep medewerkers krijgt de eindverantwoordelijkheid over een bepaald aantal studenten uit de verschillende leerjaren van een opleiding. Die studenten maken deel uit van het team! Dat betekent ook dat (een vertegenwoordiging van) de studenten meepraat bij vergaderingen, meedenkt over de planning en de afspraken, mee evalueert, enzovoorts.
  2. Als studenten deel uitmaken van een team lijkt het ook logisch dat de oudere jaars een rol spelen in de begeleiding, coaching, bijsturing van de jongere jaars. Daarmee wordt niet bedoeld dat van hen verwacht wordt, dat zij in de huid van een docent moeten kruipen. Ze nemen geen lessen over, worden geen coach (wellicht een tutor). Maar er is niets mis mee als het gedaan wordt in de context van competenties als leidinggeven, samenwerken, enzovoorts.
  3. Essentieel in het geheel is de cultuur binnen het team. Het moet iedereen tussen de oren zitten wat het ultieme doel is: ervoor zorgen dat de studenten waarvoor zij verantwoordelijk zijn vanuit een goede positie de maatschappij in kunnen. Dat zal dan ook terug moeten komen in het uiteindelijk gedrag van alle leden van het team bij (dreigende) uitval.
    (In één van de discussies werd de vergelijking gemaakt met zo'n clubje toeschouwer dat toekijkt als er iemand in het water is gevallen, niemand voelt zich dusdanig verantwoordelijk dat hij er achter aan springt).
    Als zo'n 60% van de studenten zonder al te veel problemen door een opleiding rolt heb je altijd nog 40% die er meer moeite meer heeft. Die laatste groep heeft in verhouding meer aandacht nodig. Wellicht dat de 60% betere studenten het moeten doen met 40% van de aandacht. Dan kan 60% van de capaciteit besteeed worden aan de 40% zwakkere studenten. Een soort 80-20 regel dus maar dan met wat andere (volkomen fictieve) getallen. Dat is een andere benadering dan het 'dumpen' van studenten, die niet meekunnen.

Zoals gezegd, er valt nog veel meer over te filosoferen en te schrijven. Maar alles op zijn tijd. Overigens wordt binnen ROC de Leijgraaf wel nagedacht over een zelforganiserend systeem, waarbij teams onderwijsproducten ontwikkelen en die in de 'interne markt' van het roc aan de man brengen. Naarmate er meer studenten kiezen voor die onderwijsproducten krijgt het team meer studenten en dus budget voor verdere kwaliteitsverbetering, ontwikkeling nieuwe producten of uitbreiding. Het idee is intrigerend. De vraag is, of een dergelijke interne markt wel op die manier kan werken. Het vergt een voldoende groot aanbod, studenten die rationele keuzen maken, teams die gemotiveerd raken door hun succes en nog wat meer randvoorwaarden. Niettemin ben ik uitermate nieuwsgierig naar het resultaat...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Reacties zijn welkom