maandag 16 januari 2012

Hoe moet je iets veranderen in het onderwijs?

In een van mijn vorige berichten gaf ik aan waarom je juist nu iets moet veranderen in het onderwijs. Het is dan nog wel de vraag hoe je dat dan moet doen.
In een uitgebreid artikel in The Economist van alweer een paar maanden geleden wordt een aantal factoren op een rijtje gezet, die een rol kunnen hebben gespeeld in de uitkomsten van 'the Programme for International Student Assessment' (PISA) van de OECD sinds 2000. In dat onderzoek worden 15-jarige leerlingen op een aantal terreinen met elkaar vergeleken.

Wat in elk geval niet helpt, is er gewoon meer geld in stoppen.
"The idea that good schooling is about spending money is the one that has been beaten back hardest. Many of the 20 leading economic performers in the OECD doubled or tripled their education spending in real terms between 1970 and 1994, yet outcomes in many countries stagnated—or went backwards. Educational performance varies widely even among countries that spend similar amounts per pupil. Such spending is highest in the United States—yet America lags behind other developed countries on overall outcomes in secondary education. Andreas Schleicher, head of analysis at PISA, thinks that only about 10% of the variation in pupil performance has anything to do with money."
Dat het rendement van extra geld in het onderwijs op dit moment nauwelijks iets oplevert, zoals een onderzoek van het SCP recent liet zien, mag de overheid zichzelf behoorlijk aanrekenen.
Wat wel helpt?
"Technology has also made a difference. After a number of false starts, many people now believe that the internet can make a real difference to educating children. Hence the success of institutions like America’s Kahn Academy."
Technologie maakt heel veel mogelijk (zie bijvoorbeeld dit artikel over 'flipping the classroom'). Het wordt dan wel lente in het onderwijs, maar de kern van de verbeteringen is een mix van decentralisatie (scholen bepalen zelf het curriculum), een focus op de minder goede leerlingen, diversiteit in scholen en natuurlijk goede docenten.
"So what are the secrets of success? Though there is no one template, four important themes emerge: decentralisation (handing power back to schools); a focus on underachieving pupils; a choice of different sorts of schools; and high standards for teachers."
(...) 
"What is clear, however, is that the shiniest new academy will struggle without decent teachers. An emphasis on better teacher quality is a common feature of all reforms. Countries like Finland and South Korea make life easier for themselves by recruiting only elite graduates, and paying them accordingly. Mr Gove has said that he wants to raise the degree threshold for teachers and offer “golden hellos” in areas of shortage, like science and language teaching. America has experimented at state level with merit pay and payment by results, but often in the teeth of opposition from the teachers’ unions. 
In schools reform, structural progress —new sorts of schools, reorganised old ones, new exams— can happen very fast. Better teachers take much longer to form. They should be made the priority."
Dit alles past in maatschappelijke discussie over wat we werkelijk met het onderwijs willen. Juist vanwege het feit dat het opkrikken van de kwaliteit van docenten een behoorlijke tijd vergt, zou daar het accent moeten liggen, zoals de Onderwijsraad vorig jaar nog betoogde met 'elke meester een master'.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Reacties zijn welkom